door Chris van den Bos
Een intrigerende titel. Maar niet meer als U de column leest.
Het gaat hierin over het schoolzwemmen en de opstelling en houding van onze wethouder van Nijkerken. Hij heeft het begrip schoolzwemmen in zijn pakket. Tevens is dit een van de propagandapunten van WB geweest tijdens de verkiezingen. Men verweet het toenmalige college dat die het schoolzwemmen hadden gestopt. Ik noem dat niet voor niets een propagandistische voorstelling van zaken. Het schoolzwemmen wordt door ons niet opnieuw ingevoerd. Schoolzwemmen was en is een taak van de scholen en er zou pas echt iets mis zijn als de gemeente zich ging bemoeien met wat scholen in hun lespakket hebben. Nee, enkele jaren terug is de subsidie hiervoor (omdat er moest worden bezuinigd) stopgezet en de scholen hebben toen zelf besloten dat het zwemmen zou stoppen.
Dat zijn overigens dezelfde scholen waarvan laatst landelijk bekend werd over hoeveel reserves zij beschikken! Dat bleek laatst in Winterswijk vergelijkbaar te zijn. Ook daar zou je dus kunnen praten over het stellen van prioriteiten.
Van Nijkerken heeft het echter consequent over de Nota: "herinvoeren schoolzwemmen". Daarmee bedrijft hij dus feitelijk propaganda. Maar dat zijn wij van hem wel gewend. De hele verkiezingscampagne van WB was gebaseerd op beschuldigingen, propaganda en laster.
In die tijd werd (voor het eerst in Winterswijk) de toon gezet door de advertenties met termen als "achterkamertjespolitiek", het "disfunctioneren van ambtenaren", de "onbetrouwbaarheid van de politiek", en de "leugens van de gevestigde orde".
Noem het maar op, ik heb alle advertenties zorgvuldig bewaard. Na het eclatante succes die dit opleverde als verkiezingsresultaat is er, door het nieuwe college, direct gemeenschapsgeld gestoken in een poging die zaken aan te tonen. Uiteraard is niets daarvan gelukt. Hoe kon het ook, alle beschuldigingen waren gebaseerd op propagandistisch drijfzand. Alleen enige vorm van verontschuldiging, heeft er nooit afgekund. Sterker nog, de wethouder van Nijkerken blundert regelmatig en kan er dan zelf absoluut niet tegen als hij daarop wordt gewezen.
Zo ook in de laatste raadsvergadering.
In de Nota werd onderscheid gemaakt tussen kinderen die geen zwemdiploma hebben en kinderen waarvoor het nuttig is dat zij periodiek hun zwemvaardigheid bijhouden.
V.w.b. die eerste categorie (ca 5% van het totaal) blijkt de reden vaak te liggen in een zwakke financiële positie van de ouders. De Nota erkent dit probleem en wil, na een inkomenstoets, de betaling daarom door zowel Jaspers als de gemeente laten plaatsvinden.
Hoe dat wordt geregeld, daar bleef de Nota vaag over.
Maar het bijhouden van de zwemvaardigheid, geldt voor alle kinderen en wordt generiek door de gemeente gefinancierd. Op zich, als daar geld voor is, kunnen wij ons als VVD best in dit doel vinden. Dat spraken we ook uit. Alleen vindt de financiering echter plaats uit het fonds armoedebestrijding. Dat betekent dus dat ouders die, bijwijze van spreken, tonnen verdienen gesubsidieerd worden uit het fonds armoedebestrijding. Dat vonden we vreemd en we stelden voor dit te dekken van uit de "algemene middelen". Dat is zuiverder.
Van Nijkerken "ontplofte" weer eens, "Wij konden geen Nota's lezen" en "Dit was helemaal niet zo" en als uitsmijter "Alle subsidie, ook voor het bijhouden van de zwemvaardigheid is inkomensafhankelijk".
Niet eenmaal, maar diverse malen, was de wethouder ronduit beledigend in zijn reactie.
Een respectloos optreden, wederom, een bestuurder onwaardig. Niet alleen maar doordat hieruit blijkt dat hij niet eens weet wat in zijn eigen Nota's staat. Nee het moet gezegd, het is ook zijn houding die (in mijn ogen) grenst aan het onbeschofte.
Tot mijn verbazing sprak ook onze burgemeester zich uit. Hij trok exact dezelfde conclusie als wij, maar ook daar bleek de wethouder niet van onder de indruk te raken.
Omdat Diana Abbink in dezelfde vergadering afscheid nam, waren er veel mensen aanwezig die onze raadsvergaderingen normaal niet meemaken. Velen gaven na afloop aan geschokt te zijn door het horkerige optreden van "die wethouder".
In de vergadering heb ik het er maar bij gelaten. Van een "nietes/welles" spelletje wordt niemand wijzer. Uiteraard is daarmee voor ons de zaak niet afgedaan. De volgende dag heb ik schriftelijke vragen over dit onderwerp ingediend. Ook heb ik de behandelend ambtenaar gebeld en hem naar zijn visie over ons standpunt gevraagd.
Zijn antwoord bewees mij dat onze analyse volkomen correct is.
Hieruit blijkt maar weer eens dat het uiten van kritiek makkelijk is. Maar als onze wethouder zelf verantwoordelijk is geworden, blijkt "zelf doen" ineens een stuk moeilijker.
Tel daar zijn "sportief en beleefd reageren" bij op en U weet hoe ik over hem denk.