Leerschool van een brugpieper in de lokale politiek

door Betty Wassink

Eén van mijn motivaties om mij kandidaat te stellen voor de Gemeenteraadsfractie van de VVD, heb ik begin dit jaar als volgt verwoord:

“Aan de keukentafel of aan bedrijven kunnen uitleggen wat er in het raadhuis wordt besproken en vooral ook in de raadszaal duidelijk kunnen maken wat er aan keukentafels en in bedrijven leeft.”

Een raadslidmaatschap zat er niet in,  maar als steunfractielid draai ik nu een half jaar mee. En ik wil graag mijn ervaringen met u delen. Want in bovenstaande  motivatie schuilt natuuurlijk het belangrijkste van alles: communicatie! Alleen door wederzijdse ervaringen te delen, komen gesprekken op gang.

Als voorbeeld ga ik wat verder in op de ontwikkelingen rond  de op stapel staande nieuwbouw van “De Driemark”.

Het proces

Al geruime tijd werkt een stuurgroep aan de voorbereidingen om te komen tot één nieuwe lokatie van De Driemark. Een stuurgroep bestaande uit  een lid van het College, twee betrokken ambtenaren en bestuurder(s) en de directie van De Driemark. Er is voor gekozen een externe projectbegeleider toe te voegen aan deze stuurgroep.
Het gaat mij hier nu eigenlijk even helemaal niet om wie of wat, maar meer om het HOE.

Hoe is de communicatie tot nu toe verlopen?

De stuurgroep heeft in ‘de luwte’ gewerkt aan het ‘beslissingsrijp’ maken van het projectplan. Dat is in juni j.l. voorgelegd aan de raad, waarmee men de zg. initiatieffase wilde afsluiten om vervolgens het projectplan definitief te kunnen maken. Daarvoor was draagvlak nodig. Je mag veronderstellen, dat dat draagvlak er is, wanneer alle partijen zijn vertegenwoordigd in zo’n stuurgroep. Niets blijkt minder waar.  De gemeenteraad plaatste vraagtekens bij de voorstellen die het College deed: Was het niet wat te kort door de bocht? Waarom heeft de raad niet tussentijds informatie gekregen? Waarom is het nu zoveel duurder dan in eerste aanvang (2004)? Hoe is de lokatiekeuze tot stand gekomen?  Allemaal vragen waaruit is gebleken, dat de communicatie vanuit de stuurgroep aan de raad niet voldoende is geweest.  Er is onvoldoende ruggespraak geweest tijdens het proces tot nu toe. Daardoor zette de raad de rem op de voortgang bij het maken van het definitieve projectplan. Dat is jammer,  maar voor het draagvlak noodzakelijk.

Inhaalmanoeuvre

Wat volgde was een zg. inhaalmanoeuvre: de raad wilde in gesprek met belanghebbenden en inwoners over dit belangrijke onderwerp. Begin deze maand was de zaal goed gevuld. We gingen ‘in gesprek’. De media en ook de gemeente meldden dat er 100 mensen waren. Dat getal is betrekkelijk: het overgrote deel van de aanwezigen bestond uit raadsleden,  personeel en ouders van De Driemark en betrokkenen bij het proces tot nu toe. Heel mooi, maar dat waren toch de mensen die zich vertegenwoordigd mochten voelen in de stuurgroep? Die eigenlijk al volledig op de hoogte zouden moeten zijn van de plannen tot op dat moment? Nee dus. Want net als de Gemeenteraad, bleken ook leerkrachten en ouders zich gepasseerd te voelen. Ze spraken hun teleurstelling uit over het feit, dat de lokatiekeuze niet aan hen was voorgelegd en over het feit dat er kennelijk geen ruimte is voor een buitensportterrein in de toekomst. Het leek erop, alsof dat de gemeente verweten wordt, terwijl natuurlijk ook de hand in eigen boezem gestoken moet worden: bestuur en directie van De Driemark zijn immers vertegenwoordigd in de stuurgroep.
De avond maakte duidelijk dat er breed draagvlak is om te komen tot een nieuwe Driemark, maar over de weg er naar toe is men het nog lang niet eens.

Vervolg

We gaan het traject nogmaals doen en meer belanghebbenden betrekken, zo stelt het College nu voor.  Ik stel mezelf de vraag of we daar nu blij mee moeten zijn. Democratisch gezien wellicht wel, immers ieders stem moet gehoord worden. Maar politiek gezien ligt het wat lastiger. Bij het maken van beleid moet je vooruit zien. Dat heeft ook het vorige College gedaan. Er zijn plannen gemaakt voor de ontwikkeling van het centrum van Winterswijk en dat is vastgelegd in het Masterplan. In dat Masterplan is rekening gehouden met De Driemark op het spoorwegemplacement. Om heel veel redenen is dat een goede plek, én in het gemeentelijk toekomstbeleid van belang.
Dat mag dan toch ook gezegd worden? Daar hoef je toch niet geheimzinnig over te doen door te werken met allerlei vage matrixen, waarmee je dan aantoont, dat het Spoorwegemplacement als meest gunstige lokatie uit de bus komt? Maar OK, het gaat nu objectief gebeuren,  zegt het college.
Zowel de Gemeente als De Driemark krijgt hiermee een tweede kans.

Leerschool

De Driemark was ook mijn school vroeger. En nu weer een leerschool voor mij. Want, wanneer bij aanvang van dit proces betere afspraken waren gemaakt over de vertegenwoordiging in de stuurgroep, maar vooral over de terugkoppeling naar gemeenteraad en OR en MR van De Driemark, waren we nu vast al een stukje verder geweest. Dan wisten leerkrachten en ouders, dat een sportveld geen standaard voorziening bij een school is en daarom voor rekening komt van de school zelf. Dan was al lang bekend geweest, dat De Driemark in de stuurgroep heeft laten weten daar geen geld voor te hebben. Nu moet het bestuur van De Driemark haar huiswerk over doen. Ook het college en straks de raad moet huiswerk over doen. En duidelijk aangeven waar voor de gemeente Winterswijk de prioriteiten liggen.  Hopelijk is het een goede leerschool voor iedereen.

Als ‘brugpieper’ in de lokale politiek  ga ik veel aantekeningen maken, zodat ik ervan leer. Ik zal u op gezette tijden laten meelezen in mijn schriftje en vraag u nadrukkelijk om correcties aan mij door te geven. Wens ons maar succes!


Deze VVD website maakt gebruik van cookies. Bekijk ons cookiebeleid