Besluit WMO aan commissie voorgelegd

door Chris van den Bos

Op 21 september 2006 heeft de raad van Winterswijk de “Verordening voorzieningen maatschappelijk ondersteuning gemeente Winterswijk 2007” vastgesteld. Het college heeft deze verordening vertaald naar de praktische toepassingen in Winterswijk. Deze toepassingen zijn op hun beurt vastgelegd in het “Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning van de gemeente Winterswijk”.  Dit besluit is doorgesproken met en heeft de instemming van de WMO-raad.

Gisteravond, 23 november 2006, hebben we in de commissie B&S dit besluit samen met de ambtenaren en de verantwoordelijke wethouder doorgesproken.
Enkele opvallende zaken uit die discussie waren:

  • Winterswijk heeft besloten om het PGB (PersoonsGebonden Budget) te beperken tot 75% van het hoogste uurtarief van uitgekozen aanbieders. Dit is gedaan omdat die groep die voor een PGB kiest niet de “overheadkosten” heeft waarmee de gemeente moet rekenen. Tevens zal die groep de zorg over het algemeen niet inkopen bij de uitgekozen aanbieders maar veelal in de eigen omgeving.
  • Het krijgen van een PGB is een recht. Daar worden in Winterswijk twee uitzonderingen op gemaakt. Enerzijds als de persoonlijke omstandigheden van een aanvrager dat onverstandig maken en anderzijds als de te voorziene periode kleiner is dan 13 weken.
  • Er wordt van die 75% afgeweken als de gemeente een voorziening in depot heeft. In dat geval zal worden verstrekt tegen 100% van die waarde.
  • Er ontstonden enkele levendige discussies. Een daarvan ging over de hoogte van terugbetaling bij woningaanpassing als de persoon in kwestie binnen 10 jaar verhuist. Thans wordt uitgegaan van de hoogte van de gedane investering. Als VVD gaven wij aan dat soms beter kan worden uitgegaan van de hoogte van de ontstane meerwaarde. Een voorbeeld is het inbouwen van een zgn. invalidenkeuken. Bij het verlaten van die (eigen) woning heeft dat geen meerwaarde tot gevolg omdat de opvolgende bewoner bijna zeker die keuken zal willen vervangen. Toch moet de zorgontvanger dan een deel van die investering terugbetalen. De meerderheid was echter voor uitgaan van de investering.
  • Een tweede discussiepunt was de mate van controle. Nu wordt er gepland 10% van alle PGB’s te controleren op het gebruik. Als VVD brachten we de gedachte naar voren dat als een cliënt geïndiceerd is voor een zorgbehoefte en daar geld voor ontvangt, is het dan aan ons te bepalen waar hij of zij dat geld voor uitgeeft? De liberale gedachte is dat dit bij volledig gezonde mensen ook niet het geval is. Bovendien is elke vorm van controle duur, kost geld dat weer aan de zorg onttrokken wordt. De commissie kwam er niet helemaal uit maar voorlopig blijft de 10% controle gehandhaafd.
  • Afsluitend hebben we nog ingestemd met de maximale vergoeding voor woningaanpassing (50.000 euro) en het drempelbedrag van 1.000 euro waaronder investeringen niet teruggevorderd worden.

Het bovenstaande is maar een greep uit de vele details die besproken zijn. Eens te meer werd mij duidelijk hoeveel zaken wij nog gedurende de invoering zullen ontdekken en zullen moeten bijsturen. Ik heb namens de VVD nog een pleidooi gehouden voor flexibiliteit. Niet star aan regeltjes vasthouden maar altijd voor ogen houden wat het doel van de WMO is. Het is een gemeentelijke verantwoordelijkheid om met het ter beschikking staande geld zoveel als mogelijk zorg aan onze inwoners aan te kunnen bieden.